Text Size
  • IMG 3509a
  • IMG 3384a header
  • IMG 3444a
  • Header 2
  • Header 1

Vogels uit Australie

Bourke parkiet

(Neopsephotus bourkii)
De Bourke parkiet wordt vaak tot de Neophema's gerekend, maar behoort officieel tot het geslacht 'Neopsephotus' (als enige). Deze soort, vernoemd naar generaal Richard Bourke (1777-1855), is eigenlijk geen parkiet maar een kleine graspapegaai. De Bourke parkiet valt op door zijn rood-bruine borst, het is de enige bruine parkiet uit Australië.

Het zijn zeer sociale, uiterst verdraagzame vogels, die veelal in groepen samenleven en veel op grond te vinden zijn. Zij eten voornamelijk graszaden. Eenmaal gevormde paren blijven elkaar doorgaans trouw. Door hun verdraagzame karakter is deze soort ook geschikt voor een gezelschapsvolière.

De Bourke parkiet is een bewoner van de droge vlakten en scrublands (kreupelhout) in het midden van West en Zuid Australië en het zuiden van het Noordelijk Territorium, het zuiden van Queensland en het noorden van Nieuw-Zuid Wales. Het verspreidingsgebied is groot,daardoor alleen al is de kans op de status kwetsbaar gering. De grootte van de populatie is niet gekwantificeerd, maar de aantallen nemen toe. Om deze redenen staat deze kleine papegaai als niet bedreigd op de Rode Lijst van de IUCN.

De Bourke parkiet is een vrij kleine, zacht-bruin gekleurde parkiet. van 18,5 tot 23 cm groot. De borst heeft een vage rode kleur die naar de buik toe feller rood wordt.  Verder is de vuilwitte oogring een kenmerk. Anders dan bij vrijwel alle Neophema's is het verschil tussen man en pop niet direct duidelijk te zien. Meestal zijn de popjes iets kleiner en hebben een smallere kop. Mannetjes hebben blauwe bevedering voor op de kop, poppen niet of bijna niet. In het wild heeft de Bourke een roze vleugel omzoming, in gevangenschap is die door selectieve kweek meestal rood, maar ook gele omzoming komt voor.

Het zijn echte vliegers en hebben dan ook graag de ruimte, ze vliegen liever dan dat ze klimmen. Een lange volière is dan ook het meest geschikt voor ze. Met een goed beschutte plek (droog en uit de wind) kunnen ze ook de winters buiten doorbrengen. Beplanting laten ze meestal heel, het zijn beslist geen slopers. Ze eten parkietenzaad, daarnaast zijn er ook Neophema mengsels in de handel die door de Bourke parkieten graag gegeten worden. De voeding kan worden aangevuld met trosgierst en kleine beetjes groenvoer en fruit.

Nog iets waarin Bourke parkieten afwijken van Neophema's, zij maken zelf een nest als er geen nestblok of holte beschikbaar is. Op een plat vlak of met een kleine holte verzamelen ze grassen, mos en veertjes. Ze maken dan zelf een soort kommetje, niet al te netjes en fraai, maar afdoende. De pop legt er meestal 4 of 5 eitjes in, die door de pop 19 dagen bebroed worden, gerekend vanaf het derde ei. De man voert de pop op het nest. Als de jongen uitkomen, worden ze door beide ouders zo goed gevoerd, zodat ze al met 6 weken zelfstandig eten. Het duurt ruim een half jaar voor de jongen op kleur zijn.

(Bron tekst; Wikpedia en Peter Verheijden)

Bourkes parkietenBourkes parkiet 1Bourkes parkiet Peter Verheijden